Annemiek Schrijver

Maakt programma's met bezielde mensen, die zich verwonderen over het leven en op zoek zijn naar betekenis. Schrijver is niet alleen op televisie te zien, maar trekt ook het land in met Het Vermoeden on the road en LUX LIVE.

Hier kunt u haar weblog volgen.

Wachtlokaal
Gepubliceerd op: 3-9-2010 9:48:34

200908182044-1_kaketoe-ontsnapt-uit-antwerpse-zoo-en-trekt-naar-centraal-station

‘Men houdt zich hier afzijdig van zijn buren.
Ik zie in de gezichten om mij heen
geen teken van verwantschap; in de ure
die allen wacht hebben wij niets gemeen’,

zo dichtte Jean Pierre Rawie al lang geleden zijn Nachtlokaal, over het leven zelf. De wachtkamer voor de dood. Vroeger las dit gedicht als een trein. Hedentendage is het juist de vraag geworden of we, nu we hier toch zijn, wellicht iets met elkaar te maken hebben.
Vandaag bevinden we ons in een voornaam wachtlokaal op het Centraal Station. De handigste en meest geaccepteerde plek om korte en zakelijke ontmoetingen achter elkaar te arrangeren. Gelukkig heb ik twee blijvende metgezellen: Elvis de kaketoe die zoals gewoonlijk op de bar zit, en een brutale muis die werkelijk overal op de voorname parketvloer opduikt. Dat is al lekker veel verwantschap, ja zelfs goed gezelschap.
De eerste afspraak is met de uitgever die een boek met schrijveretjes wel ziet zitten, maar dan wel graag met het onderwerp ‘mannen’ erin.
Zou de uitgever toch fictie willen? Lijkt me heerlijk om een nest mannen tevoorschijn te toveren in prachtig proza.
De volgende date is met een vriend, die innig tevreden terug kijkt op zijn rijke lange leven. In vele opzichten heeft hij genoten, geheimen ontfutseld, is hij grenzen gepasseerd en nu tot de genadige conclusie gekomen dat onze vermeende beren op de weg zo onschuldig en naakt zijn, ja zo weinig om het lijf hebben. Zijn vergleden passies kunnen nu in de boekenkast bij de afdeling jeugdliteratuur. Nu is er tijd voor wat er werkelijk toe doet.
Mijn volgende afspraak is met de man die met groten der aarde heeft gewerkt en daarom nu niet gauw meer van zijn stuk is. Nu kan hij zich richten op waar het echt op aan komt.
In de gezichten van mijn gezelschap zie ik veel verwantschap, maar mijn aandacht wordt ook afgeleid door muis en kaketoe.
De laatste tijd hoor ik beweren dat de mens op zijn vijftigste aflegt wat kinderlijk was. In de verte en in mijn ziel zie ik dat kroonjaar wenken, maar feitelijk duurt dat nog een paar jaar. Op die valreep hou ik van muis en kaketoe net zoveel als van mijn wijze vrienden. Allen in datzelfde wachtlokaal vergaderd. Wie wil er nog of weer ff keten? Nu we er toch zijn.


Verwijlen
Gepubliceerd op: 31-8-2010 11:47:17

Misschien is het wel helemaal niet zo. Verbeeld ik het me maar. Misschien hadden we vroeger ook nergens tijd en plek voor.
Toch herinner ik me zeeen van Blijven, van Niet verder gaan, van Pozen, Stilstaan, Toeven, Vertoeven en van Wijlen.
Vroeger las je gewoon Andertje, Afkes’ Tiental of de bijbel op je kamertje, ook al moest je huiswerk maken of klepperden er vriendinnetjes aan de deur.
Vijftien jaar later was dat eigenlijk nog steeds zo. Dan zat je gewoon de ganse zaterdag naar de Lieder eines fahrenden Gesellen van Mahler te luisteren in je boshuisje in Laren, terwijl je eigenlijk aupair was bij een chique familie en je je eindscriptie op het conservatorium moest inleveren. Momenten waar de tijd geen vat op had en ook nooit zal krijgen, zo weet ik inmiddels.
En nu?
Nu doen we net of dat stomme gemail en gesms over het heen en weer schuiven van afspraken het echte werk is, het wezenlijke van de dag en dat de rest onzin en zonde van de tijd is.
Maar haast en drukte maken ons niet sneller, alleen maar ongeduldiger en eenzamer.
En nu wil ik eigenlijk de bijbel lezen.
Wel om een hele foute reden, want ik moet natuurlijk in oktober wel de Nationale Bijbelquiz winnen. 
Daarom komt de gouden tip van een theologische vriend goed van pas.
Om je feitenkennis op te frissen, doet een kinder- of jeugdbijbel wonderen. Hier zit ik dan, met zo’n prachtexemplaar. En met een ouderwets schriftje en een pen met glittertjes volmaakt gelukkig te zijn.
En vanavond…vanavond word ik getrakteerd op de Lieder eines fahrenden Gesellen.
Verwijlen is weer helemaal in.
Verheugen trouwens ook. Verkneuteren zelfs.
De rest is onzin.


De volgende versnelling
Gepubliceerd op: 28-8-2010 23:57:19

Men kent dat wel. Beetje dom.
Blijven staren naar letters op papier, terwijl men niets meer waarneemt van dat alles.
De ogen blijven gedisciplineerd doorwandelen, terwijl de gedachten vrij zijn en dus vertrokken.
Als kind hadden we dat al.
Ik zit braaf te koekeloeren naar info op papier over talloze getalenteerde groepen die zondag de Uitmarkt in de kleine zaal van het Concertgebouw gaan verblijden met hun uitzinnige spel.
Die jongelui mag ik ffkes allemaal aankondigen.
Maar nu zie ik een van hun woorden als ‘operatoneel’ aan voor ‘operationeel’.
Scheelt maar een letter, maar duwt een gans andere kant op….Pfffff, dit schiet niet op zeg.
Best gek, de ingekeerde zomer moeten inruilen voor die extraverte Uitmarkt.
Mijn zomerse zachtheid wil nog maar niet aan de ketting en dat wordt nu echt heel erg lastig.
Op het pelgrimnetvlies, en in het fotoalbum van m’n foon, staat nog steeds die naakte Jezus in Brugge.
Bekend als ‘Christus op de koude steen’, wachtend op zijn kruisiging. Mysterieus lang, vaak en wereldwijd duikt dit beeld op, maar nergens in de evangeliën wordt het beschreven.

foto

Hij zit daar maar stillekens in de benedenkapel van de Sint-Basilius te wachten op…. zijn dood? Of op zijn redding? Waar is iedereen?
Wie kent hem niet? En wie heeft geen weet van die koude steen waarop hij zit? Wie heeft antwoord op zijn en onze vragen in de crypte van ons bestaan?
Voor hem heeft Charles Ives waarschijnlijk ooit ‘The Unanswered Question’ gemaakt.
Voor ons dus.
Ik ben zo benieuwd of er op de Uitmarkt lef en ruimte is voor zoiets zachts. Wie durft ons in die volgende versnelling te gooien? Zacht operationeel op het operatoneel.
Zou Zo Zalig Zijn.


Toegegeven
Gepubliceerd op: 26-8-2010 11:40:29

michelangelo brugge

Volgens de autoradio kreeg de ongelovige componist Francis Poulenc zo’n optater van het dodelijke verkeersongeval van een goede vriend van hem, dat hij spontaan spoorde naar de Zwarte Madonna van Rocamadour in Frankrijk, daar een heftige religieuze ervaring opdeed en er prompt een prachtstuk van bakte: Litanies à la Vierge Noire.
Kon ik net gebruiken, zo op weg naar Brugge. Anders had ik de al aankoekende opdracht van de katholieke medeschrijver (“ Bezoekt men Brugge, dan spoedt men zich naar Michelangelo”) hoogstaannemelijk in de Belgische wind geslagen. Er zijn tenslotte grensjes. Zeker als men twintig Nachtzoenen in twee dagen dient te vergaren omdat het geld op is. In zo’n geval gaat men heus niet eentweedrie richting de Brugse Onze lieve Vrouwe kerk om de Madonna met Kind van Michelangelo te trakteren op je bezoekje. Zijn enige werk dat Noordwest-Europa heeft bereikt. Een gereformeerd grietje heeft wel wat anders aan het hoofd. Helaas doet Poulenc me op de autoradio de das om. Ff parkeren.
En dan stil worden.
Maria’s kindje is best al groot en wil buiten spelen. Maar haar gezichtje vertoont moederzorg. Zo heel gewoon. Dat hebben zoveel moeders. Later krijgen ze spijt van die zinloze zorg en worden ze blije grootmoeders. Niks aan de hand als je ‘t goed nagaat. Maar als je nog beter naar deze Michelangelo kijkt en de tijd neemt die je eigenlijk niet schijnt te hebben, dan zie je dat Maria zo droevig boven haar mollige peuter uitblikt, dat een traan niet te voorkomen is. Hoe kan een mens dit leven uit dood marmer halen? Die zachte plooien van haar kleed, het liefwarme vlees van haar ventje, haar diepbedroefde gezichtje?
Een gereformeerd grietje zou er verlegen van worden. Maar eenmaal een grens gepasseerd, neemt zij makkelijk een volgende. Want een deur verder vereert men een druppel bloed van Christus, in 1256 al veroverd tijdens de tweede kruistocht in het heilige land.
Men mag niet schateren of spotten, zo melden mij bordjes en een diepe mannenstem door een microfoon. Best moeilijk voor een gereformeerd grietje met alleen maar broers. Ik ga in de rij van devoten die de druppel willen betasten en vereren. Wat een grappigheid hier bij onze zuiderbuurkes.
Maar plots schiet mij een boeddhistisch verhaal te binnen. Over die jongeman die meerdere keren op zakenreis naar Bodhgaya ging, de plek waar de Boeddha verlichting vond. Telkens beloofde hij zijn oude moeder een reliek van de leraar. Maar hij vergat dat keer op keer. Tot hij op zijn terugweg een dode hond langs de weg zag liggen. Gauw trok hij een tand uit de bek van het dier. Tegen zijn moeder deed hij of het een tand van de Boeddha was. Stralend van dankbaarheid legde de vrome oude vrouw de hondentand op haar altaar en bad er zo innig voor, dat er regenbogen rond de hondentand verschenen, en de oude vrouw verlichting vond.
Genoeg gemijmerd. De file van devoten voor mij is opgelost. Ik sta nu voor de zogenaamde druppel bloed van Christus. Hier zijn acht eeuwen devotie vol plooien, talent, kindervlees en tranen aan geofferd. Wat kan het nu nog anders zijn dan het bloed van dat Ventje? Het gereformeerde grietje in mij geeft toe en buigt het sceptische hoofd.


Ouwe Zeepiraat
Gepubliceerd op: 23-8-2010 10:22:10

Het klassieke hart van Annemiek volgens de Avro

God heeft het land aan de woestijnen,
aan droge, saaie, humorloze praat,
aan preken waar geen letter poëzie in staat;
hij houdt van avontuur, muziek en donderjagen –
diep in zijn hart is God een ouwe zeepiraat.

Koos Geerds